donderdag 7 mei 2015

Sintel – baby en het badwater (1)

Over niet al te lange tijd komt het eerste nummer van een nieuw tijdschrift uit: Sintel, offline schrift voor literatuur, muziek en de tijdgeest. Ik zal dat dan in elkaar hebben geknutseld met een paar vrienden en de hulp van crowdfunding. Maar waarom, zult u vragen, waarom een literair tijdschrift en dan nog wel op papier!

Een tijdje geleden viel het me te binnen: ik wil een tijdschrift maken! Dat is een leugen, natuurlijk. Ik wil al jaren een tijdschrift maken. Eigenlijk sinds ik in de jaren negentig een aardig ontvangen stripblad maakte met een vriend heeft het virus me nooit verlaten. Welk virus, vraagt u. Nee, ik ben niet al die tijd ziek geweest. Het is gewoon zo’n gevoel dat een mens kan krijgen bij iets dat heel leuk is. Dat gevoel dat je zegt dat je het wel altijd zou willen doen. Zelfs al is het bij tijd en wijlen doodvermoeiend.
           
Natuurlijk had ik sinds die tijd andere dingen om me mee bezig te houden. Van alles dat artistiek is. Toen al maakte ik mijn eigen strips, schreef redactionelen en gedichten. Ik probeerde zelfs een heus verhaal te schrijven, maar daarvoor had ik zeker weten nog niet genoeg ervaring of kunde. Bovendien, om een tijdschrift te maken heb je andere mensen nodig die het ook leuk vinden. Je hebt tijd nodig! Je hebt geld nodig! En naarmate de tijd verstreek bleek ik ook steeds hogere eisen te stellen. Wat toen begon als een leuke grap, was al binnen een jaar een ambitieus project geworden, dus wat zou ik gaan doen als ik eindelijk weer mocht en kon?

Toch is het niet meer vanzelfsprekend om een tijdschrift te maken. Liever zou ik erin worden geplaatst met een gedicht of verhaal. Ik las sommige bladen nog wel eens en zeker als het een undergroundblaadje betrof kocht ik het ook, maar verder dan dat ging het niet. Papierwas op zijn weg naar de vuilnisbelt van de geschiedenis, digitaal was helemaal het hemeltje. Ik zeg ‘was’, maar dat is de boel verdraaien. Iedereen zweert tegenwoordig bij digitaal. Man, je moet niet met papier aankomen, hoor! Allemaal ‘spul’, ‘dingen’, dingen die het huis vol maken. Bomen die worden omgehakt. Op papier kan je geen linkjes zetten of youtubes. Papier moet worden gekocht en verkocht. Papier is niet internationaal. Papier is eindig. Je kan er niet zoveel op zetten als je wilt.
             
Hetzelfde zou je over lp’s kunnen zeggen, maar die worden ook weer gekocht en gedraaid. Misschien niet zo veel als vroeger, maar genoeg om te rechtvaardigen dat bands ze weer uitbrengen en winkels ze weer aanbieden. Wat is er zoveel leuker aan een lp dan aan een cd of mp3? Wat is er zo leuk aan een tijdschrift op papier?
            
Er zijn een paar dingen die mij opvallen aan lezen op internet. Het kost me meer moeite, zeker met lange teksten. Schrijvers worden daarom steeds economischer in hun woordgebruik. Misschien vinden een aantal lezers dat goed. Die houden wel van een telegramstijl, maar het is niet mijn kopje thee. Je raakt wel eens gedesoriënteerd op een internetpagina. Je kan minder goed terugbladeren. Je computer kan nogal eens problemen hebben, met je browser of in zijn geheel. Je hebt minder overzicht van wat je bezit. Al mijn cd’s zijn in de I-Tunes gezet, maar ik moet altijd scrollen of iets intypen, maar zo in één blik zien wat ik heb en kiezen, dat zit er niet in. Ik vergeet ook vaak een pagina op te zoeken. Van een favoriete blogger bijvoorbeeld. Het gebeurt allemaal in datzelfde kastje en er is al zoveel daarin wat me afleidt. Je bladert ook niet zomaar in een ouder nummer omdat je even nieuwsgierig bent naar wat je de eerste keer heb gemist.
            
Maar ik heb het de hele tijd over waarom digitaal het soms laat afweten tegenover analoog. Ik heb het helemaal niet over nut en plezier van een tijdschrift. Daarover de volgende keer meer.

1 opmerking: