donderdag 19 maart 2015

In het kader van de nieuwe luchtigheid



In het kader van de nieuwe luchtigheid, weg met het oude, in met het nieuwe, is dat een anglicisme? In dat kader dus, beperkende als kaders zijn, iedereen wil graag een kader voor een schilderij, maar ik vind dat niks. Het beperkt zo. Een schilderij zou ook buiten het eigen frame moeten kunnen leven, maar oké, ik geef het toe, bij sommige schilderijen past het heel goed en bij lelijke schilderijen kan je nog altijd zeggen: goh, wat een mooie lijst. Misschien laat ik daarom graag lijsten weg van mijn schilderijen, want dan blijft er niks anders dan: mooi ding of lelijk, zeg.

Maar in het kader van die luchtigheid, een kader dat vormgeeft aan hoe we kijken naar dingen, hoe we zien wat we zien, in dat kader, wat betekent dat alles wat ik hier schrijf gezien moet worden als luchtig, zelfs al schrijf ik over de snor van Hitler of de kinderen van Auschwitz. Maar dat is natuurlijk het lastige. Ik kan dan wel in een kader werken waarin alles als luchtig gezien hoort te worden, mijn kader is niet het enige wat bepaalt hoe jij de lezer mijn woorden leest. Je zal je misschien bewust zijn geworden van het kader van de Tweede Wereldoorlog toen ik die twee woorden noemde. Misschien ook de hele nasleep ervan. En alles dat Duits is of was, dat zal iets van dat kader meekrijgen. Gek genoeg winden we ons dan minder op over de verschrikkingen die Japanners in Mantsjoerije tegen Chinezen hebben begaan. Dat is een kader waar we buiten vallen. Zo kan een schilderij van Rembrandt veel mensen boeien, maar voelen ze zich buitengesloten door het afwezig zijn van een kader rond een schilderij van Jackson Pollock. Is het werkelijk een lelijk en zinloos schilderij, waarvan de spatten door een kind hadden kunnen gemaakt? Maar misschien als je het kader kende waarbinnen het was gemaakt zou je… Vind je dingen mooier als je ze beter begrijpt? Sommige mensen willen gewoon kijken en ervaren. Ze denken dat weten in de weg komt van de ervaring. Als je denkt te moeten weten voor je iets leuk vindt, maar je weet niet genoeg, denk je, en gaat het daarom uit de weg, dan is er inderdaad iets mis.

Maar, dus, laten we de draad oppakken, de luchtigheid van het leven, dat gevoel van als de zon doorbreekt en je ziet een jong stel door de straat lopen, op weg naar een park met een tas aan de arm vol dingen. Of misschien is het wel de man bij het stembureau die mij vriendelijk toelacht en door wijst naar waar het stemhok is, waar de pijltjes op de papiertjes die buiten al hangen ook naar wijzen. Ik kijk hem ironisch aan, maar zeg er niks van. Dat is vandaag zijn taak en hij stopte er even met lezen voor. Zijn glimlach was mooi en open. Ik ken dat gevoel. Hoe leuk het is om mensen te helpen en van dienst te zijn. De man die mij bij de stembussen aan papieren moest helpen hoorde de man niet die mijn id-kaart had gecontroleerd. Hij praatte met een blondine van in de dertig. Was het vanwege haar uiterlijk? Toen hij mij aankeek leek het me meer het type dat een gewoon praatje leuker vond dan een sjans. Vaak ben ik te doelgericht en mis ik die kans. Het was blijkbaar rustig genoeg op deze verkiezingsdag om terloopse gesprekken te beginnen. Maar misschien schatte ik hem verkeerd in. Misschien was hij toch meer gecharmeerd dan op het tweede zicht leek. Bij het weggaan wees ik vragend naar de deur en vroeg de deurman of dit de weg naar buiten was. Ik denk dat hij de grap wel snapte. Hij leek in ieder geval begripvol te lachen, verrast door dat moment dat we beide van boven naar onszelf mochten kijken. Ja, het was een grapje en, ja, ik kan inderdaad verdraaid luchtig zijn, maar zo nu en dan blijft er een scherp kantje aan zitten. Het leven is misschien om te lachen, maar vooral omdat het anders ondragelijk zou kunnen worden.

Wat ik heb gestemd? Niet op de macht.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten