vrijdag 27 maart 2015

Het recept


Nadat ik een blog over geloven of niet publiceerde kwam de vraag bij me op: Wil iemand dat eigenlijk wel lezen? Echt, eerlijk, ik had er nog nooit bij stilgestaan. Stel je voor dat ze zulke ingewikkelde en zware dingen helemaal niet willen weten? Ik vond dat zelf altijd leuk, weet je, over zware dingen nadenken, maar de realisatie dat de meeste mensen helemaal niet echt willen nadenken over wat ze lezen kwam maar langzaam. Zoals te voorspellen was ik natuurlijk nogal in de war nadat die gedachten zich hadden aangediend. Ik begon die verwarring ook te zien als bewijs voor de stelling: niemand wil nadenken. Het is een nogal boude stelling, geef ik toe, en misschien moeten er wat nuances gemaakt worden, maar, realiseerde ik me opeens, daar zit dan ook het probleem: nuances! Nadenken maakt je bewust van nuances, nuances verwarren en zorgen dat nadenken moeizaam verloopt. In circuitu vicissim a vobis capitis dolore, zeiden ze bij ons op de universiteit. Nou ja, Ad van der Steur zei dat vooral. De rest had geen mening. In een rondje draaien krijg je hoofdpijn van.

Maar wat boeit de lezer dan? Ik pijnigde mijn hoofd erover en realiseerde me dat ik weer zat na te denken. Een verderfelijke bezigheid, maar zo nu en dan niet te vermijden. De conclusie van die gedachtestroom was dat het wel kon Dat denken, als het maar direct nuttig was. Eindeloos peinzen zonder resultaat is onzin. Nee, recht toe en recht aan. Dus ik ging het internet op. Waar anders vind je alle hapklare antwoorden op onze problemen? Ik heb nog nooit het internet bezocht zonder een directe of indirecte oplossing voor mijn problemen te vinden. Ik wil zelfs zo ver gaan dat als ik geen oplossing kan vinden ik tot de conclusie mag komen dat er geen probleem is.
Intypen van de vraag is deze beantwoorden en aldus deed ik: wat lezen mensen het liefst op internet? Het eerste antwoord was weinig bevredigend: youtube. Ja, oké, het internet probeert me wat duidelijk te maken, dacht ik: stop met schrijven. Maar dat ligt niet binnen mijn vermogen. Stoppen met schrijven is een beetje als… als stoppen met poepen. Ik houd het wel een tijdje vol, maar uiteindelijk raak ik vol en verstopt, wat onvoorziene gevolgen heeft. De zoektocht ging verder.

Het bleek dus recepten te zijn. Recepten wordt het meest naar gezocht. Logisch, dacht ik. Iedereen houdt van eten, dus eten zoeken we op het internet. Alles wat ik moet doen is een interessant recept vinden en dan lezen jullie mijn blog graag. Nee, niet seks. Ik hoor het iemand al roepen, dat seks het meest wordt gezocht op internet. Maar dat is niet zo, kijk hier maar. Eten. Misschien is het wel omdat eten altijd gegarandeerd resultaat geeft. Met seks moet je ook nogal wat voorwerk doen, maar je weet nooit helemaal zeker of het genieten wordt of inspannen. Je weet ook niet zeker of het genot in verhouding staat tot de inspanning. Maar met eten, ja, met eten is het heel anders. Je hebt een recept, bereidt het zoals beschreven, precies en met zorg, en op het eind heb je een mondorgasme. Als je tenminste lekker eten maakt. Niemand zit te wachten op een middelmatige macaroni met ham en kaas. Dus, ja, zoeken naar een geschikt recept.

Ik kwam uiteindelijk bij dit uit, en ik ga het niet verraden, ik ga niet de naam noemen, maar het is echt heerlijk! Ik kan me niet voorstellen dat iemand het niet lekker vindt.

  • ½ eetl. zwavel
  • 5 dl magere yoghurt
  • 4 kipfilets (500 g)
  • 1 kleine rode ui, fijngesneden
  • 1 komkommer, zaad zo nodig verwijderd, in blokjes
  • ½ bosje verse koriander, fijngesneden
Probeer het maar eens, het heeft mijn leven veranderd!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten