donderdag 3 april 2014

Pashokje affaire


Pashokjes, ik kan ze niet aanraden. Ik heb er niks mee. Iedereen komt er wel eens, maar voor iedereen is het vast ook een nachtmerrie. Dat licht is zo uitgekiend dat het je lichaam op zijn lelijkst laat zien. Die spiegel is genadeloos. Elke pukkel, elk stoppeltje, elke verkleuring. Alles aan een lichaam dat het menselijk maakt wordt uitvergroot en hoe langer je erin staat hoe meer je begint te lijken op een menselijke spons zo pokdalig. Het wordt te intiem met jezelf.

Ik begrijp dat voor menigeen een pashokje met spiegel noodzakelijk is, maar mij kan het gestolen worden. Van een jas of trui in een winkel kan ik meestal wel zien hoe het op mij zou zitten. Het enige dat ik niet kan is voelen HOE het zit. Dan is het prettig om je af te kunnen zonderen voor een verkleedpartij. Eerlijk gezegd mis ik ook de genen om echt plezier te hebben van verkleden. Mocht het eens gebeuren pak ik het doelmatig aan. Het is niet voor mij, maar voor de ander dat ik me omkleed.

Overigens paste ik tot voor kort nauwelijks. Ik had het trucje van mijn moeder geleerd om van dezelfde broek meerdere maten mee te nemen naar het hokje. Dan kon ik volstaan met een keer passen, want aan de hand daarvan wist ik of groter of kleiner. Waarschijnlijk heb ik dat trucje verkeerd van haar overgenomen, want jarenlang kwam ik met kleren thuis die toch niet goed pasten. En dan was ik meestal te Engels om terug te gaan. Daar wilde ik die vriendelijke bedienden echt niet mee lastig vallen, hoor!

Maar toch, er is voor mij ook een leuke kant aan pashokjes. Dat is bij het binnentreden van de pashokjesruimte zelf en het zoeken naar welke vrij is. Plotseling is de lucht vol met mogelijkheden. Je kan zomaar een gordijn opentrekken en daar een naakt mens treffen! Ja, en mensen lopen half gekleed rond om te kijken hoe het voelt, er worden gesprekken gevoerd door het gordijn heen, soms over een trui, soms over andere dingen. De grens van het intieme ligt hier nauw.

Misschien is het ergste pashokje die op de markt, met alleen een gordijn en een wiebelende spiegel. Goed, je wordt niet zo met je eigen onvolmaaktheid geconfronteerd, maar tegelijk ben jij het enige intieme daar en dat maakt omkleden toch een hachelijke gebeurtenis.

Dat er zo weinig over pashokjes wordt geschreven in de gewone literatuur zou er best mee te maken kunnen hebben dat de meeste schrijvers nogal sjofel gekleed gaan. Uitzonderingen daargelaten, moet je er altijd achteraan zetten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten